


Print deze pagina Download in pdf-formaat
De statuten zijn laatstelijk gewijzigd bij notariële akte d.d. 16 mei 2007, ministeriële verklaring van geen bezwaar 11 mei 2007, nummer N.V. 37.266
Naam en zetel.
Artikel 1.
| 1.1 | De vennootschap draagt de naam: Koninklijke BAM Groep N.V. en is gevestigd te Bunnik. |
| 1.2 | In het verkeer met het buitenland kan de vennootschap zich mede bedienen van de naam Royal BAM Group N.V. of een andere vertaling van haar naam. |
Doel.
Artikel 2.
De vennootschap heeft ten doel:
Kapitaal en aandelen.
Artikel 3.
| 3.1 | Het maatschappelijk kapitaal van de vennootschap bedraagt vijftig miljoen euro (EUR 50.000.000,–),
verdeeld in:
|
| 3.2 | Waar in deze statuten wordt gesproken van aandelen en aandeelhouders, zijn daaronder de gewone
aandelen, de cumulatief preferente aandelen B en de cumulatief preferente aandelen F, respectievelijk
de houders van gewone aandelen, de houders van cumulatief preferente aandelen B en de houders van
cumulatief preferente aandelen F begrepen, tenzij het tegendeel uitdrukkelijk blijkt. Waar in deze statuten wordt gesproken van preferente aandelen en houders van preferente aandelen zijn daaronder zowel de cumulatief preferente aandelen B als de cumulatief preferente aandelen F respectievelijk zowel de houders van cumulatief preferente aandelen B als de houders van cumulatief preferente aandelen F begrepen, tenzij het tegendeel uitdrukkelijk blijkt. Cumulatief preferente aandelen F welke tegelijk worden uitgegeven en waaraan gelijke rechten als bedoeld in de artikelen 32, 34 en 35 zijn verbonden, vormen een aparte soort aandelen. Elke serie van cumulatief preferente aandelen F vormt eveneens een aparte soort aandelen met dien verstande dat indien sprake is van subseries als hiervoor in lid 1 bedoeld, deze in plaats van de desbetreffende serie als aparte soorten aandelen worden aangemerkt. De cumulatief preferente aandelen F worden hierna aangeduid als financieringspreferente aandelen. |
| 3.3 | Het tot uitgifte bevoegde orgaan kan bij een uitgifte van aandelen van een bepaalde serie financieringspreferente aandelen besluiten tot uitgifte van meer aandelen van die bepaalde serie dan het aantal van de desbetreffende serie dat is begrepen in het maatschappelijk kapitaal, waarbij het maximum aantal aandelen van de desbetreffende serie dat kan worden uitgegeven gelijk is aan het in het maatschappelijk kapitaal begrepen totaal aantal financieringspreferente aandelen dat nog niet is uitgegeven. |
| 3.4 | Indien bij een uitgifte meer financieringspreferente aandelen van een bepaalde serie worden uitgegeven dan waarin het maatschappelijk kapitaal is verdeeld, zal het in het maatschappelijk kapitaal begrepen aantal financieringspreferente aandelen van de uitgegeven serie worden verhoogd met het aantal aandelen, waarmee het aantal uitgegeven aandelen van die serie het ten tijde van de uitgifte in het maatschappelijk kapitaal begrepen aantal aandelen van die serie overschrijdt, terwijl dit aantal tevens in mindering wordt gebracht op de in het maatschappelijk kapitaal begrepen financieringspreferente aandelen van de series die niet zijn uitgegeven. |
Uitgifte van aandelen en het verlenen van rechten tot het nemen van aandelen.
Artikel 4.
| 4.1 | De algemene vergadering van aandeelhouders dan wel de raad van bestuur, indien hij daartoe door de statuten of de algemene vergadering van aandeelhouders is aangewezen, besluit onder goedkeuring van de raad van commissarissen tot verdere uitgifte van aandelen; zolang de raad van bestuur daartoe is aangewezen, kan de algemene vergadering van aandeelhouders niet tot uitgifte van aandelen besluiten. |
| 4.2 | De algemene vergadering van aandeelhouders casu quo de raad van bestuur stelt, onder goedkeuring van de raad van commissarissen, de koers en de verdere voorwaarden van uitgifte vast, met inachtneming van het overigens daaromtrent in deze statuten bepaalde. |
| 4.3 | Indien de algemene vergadering van aandeelhouders de raad van bestuur aanwijst als bevoegd om tot verdere uitgifte van aandelen te besluiten, moet bij die aanwijzing zijn bepaald hoeveel en welke soort aandelen mogen worden uitgegeven. Bij een dergelijke aanwijzing stelt de algemene vergadering van aandeelhouders tevens de duur van de aanwijzing, welke ten hoogste vijf jaar kan bedragen, vast. Deze aanwijzing kan telkens voor niet langer dan vijf jaren worden verlengd. Tenzij bij de aanwijzing anders is bepaald, kan zij niet worden ingetrokken. |
| 4.4 | Voor de geldigheid van een besluit van de algemene vergadering van aandeelhouders tot uitgifte of tot aanwijzing van de raad van bestuur als hiervoor bedoeld, is een voorafgaand of gelijktijdig goedkeurend besluit van elke groep houders van aandelen van eenzelfde soort vereist aan wier rechten de uitgifte afbreuk doet. |
| 4.5 | Indien een ander orgaan dan de algemene vergadering van aandeelhouders besluit tot uitgifte van cumulatief preferente aandelen B, is voor dit besluit de voorafgaande goedkeuring van de algemene vergadering van aandeelhouders voor het specifieke geval vereist, indien door de uitgifte van de desbetreffende cumulatief preferente aandelen B het bedrag aan uitstaande cumulatief preferente aandelen B groter wordt dan het in de vorm van gewone aandelen en financieringspreferente aandelen geplaatste kapitaal. |
| 4.6 | Indien een ander orgaan dan de algemene vergadering van aandeelhouders besluit tot uitgifte van cumulatief preferente aandelen B en voor een dergelijk besluit niet de in het vorige lid bedoelde goedkeuring van de algemene vergadering van aandeelhouders is vereist, is de raad van bestuur verplicht om binnen vier weken na zodanige uitgifte een algemene vergadering van aandeelhouders bijeen te roepen en te houden, waarin de motieven voor de uitgifte worden toegelicht. |
| 4.7 | De raad van bestuur legt binnen acht dagen na een besluit van de algemene vergadering van aandeelhouders tot uitgifte of tot aanwijzing van de raad van bestuur als tot uitgifte bevoegd, een volledige tekst daarvan neer ten kantore van het handelsregister. De raad van bestuur doet binnen acht dagen na elke uitgifte van aandelen hiervan opgave ten kantore van het handelsregister met vermelding van aantal en soort. |
| 4.8 | Het bepaalde in de voorgaande leden van dit artikel is van overeenkomstige toepassing op het verlenen van rechten tot het nemen van aandelen, maar is niet van toepassing op het uitgeven van aandelen aan iemand die een voordien reeds verkregen recht tot het nemen van aandelen uitoefent. |
| 4.9 | Uitgifte van aandelen geschiedt nimmer beneden pari, behoudens het bepaalde in artikel 80, lid 2, Boek 2, Burgerlijk Wetboek. |
| 4.10 | De raad van bestuur is bevoegd om zonder goedkeuring van de algemene vergadering van aandeelhouders maar wel met goedkeuring van de raad van commissarissen de rechtshandelingen te verrichten bedoeld in artikel 94, lid 1, Boek 2, Burgerlijk Wetboek. |
Storting op aandelen.
Artikel 5.
| 5.1 | Gewone aandelen en financieringspreferente aandelen kunnen slechts tegen volstorting worden uitgegeven. Cumulatief preferente aandelen B kunnen tegen gedeeltelijke volstorting worden uitgegeven, met dien verstande, dat het verplicht te storten gedeelte van het nominaal bedrag voor elk cumulatief preferent aandeel B – ongeacht wanneer het is uitgegeven – gelijk moet zijn en dat bij het nemen van het aandeel ten minste een/vierde van het nominale bedrag moet worden gestort. |
| 5.2 | Storting moet in geld geschieden, voorzover niet een andere inbreng is overeengekomen. |
| 5.3 | Inbreng anders dan in geld moet onverwijld geschieden na het nemen van het aandeel of na de dag waartegen een bijstorting is uitgeschreven of waarop zij is overeengekomen. Een zodanige inbreng moet naar economische maatstaven kunnen worden gewaardeerd. Een recht op het verrichten van werk of diensten kan niet worden ingebracht. |
| 5.4 | De raad van bestuur bepaalt, onder goedkeuring van de raad van commissarissen, wanneer en tot welk bedrag storting op gedeeltelijk volgestorte cumulatief preferente aandelen B zal moeten plaats vinden. De raad van bestuur geeft daarvan aan de desbetreffende aandeelhouders schriftelijk kennis, ten minste dertig dagen voor de dag, waarop de storting uiterlijk moet geschieden. |
Voorkeursrecht bij uitgifte van aandelen.
Artikel 6.
| 6.1 | Onverminderd het bepaalde in lid 2 heeft bij uitgifte van gewone aandelen iedere houder van gewone aandelen ten aanzien van de uit te geven gewone aandelen een recht van voorkeur naar evenredigheid van het gezamenlijke bedrag van zijn gewone aandelen. Houders van preferente aandelen hebben geen recht van voorkeur op uit te geven aandelen. Houders van gewone aandelen hebben geen recht van voorkeur op uit te geven preferente aandelen. |
| 6.2 | Bij uitgifte van gewone aandelen bestaat geen voorkeursrecht op aandelen, die worden uitgegeven
tegen inbreng anders dan in geld. Voorts heeft een aandeelhouder geen voorkeursrecht op aandelen, die worden uitgegeven aan werknemers van de vennootschap of van een rechtspersoon of vennootschap waarmee zij in een groep is verbonden. |
| 6.3 | De algemene vergadering van aandeelhouders casu quo de raad van bestuur bepaalt, onder
goedkeuring van de raad van commissarissen en met inachtneming van het in dit artikel bepaalde, bij
het nemen van een besluit tot uitgifte, op welke wijze en binnen welk tijdvak het voorkeursrecht kan
worden uitgeoefend. De vennootschap kondigt de uitgifte met voorkeursrecht en het tijdvak waarin dat kan worden uitgeoefend, aan in de Staatscourant, in een landelijk verspreid dagblad en in de Officiële Prijscourant van de te Amsterdam gevestigde naamloze vennootschap: Euronext Amsterdam N.V. Het voorkeursrecht kan worden uitgeoefend gedurende ten minste twee weken na de dag van de aankondiging in de Staatscourant. |
| 6.4 | Het voorkeursrecht op gewone aandelen kan worden beperkt of uitgesloten bij besluit van de algemene
vergadering van aandeelhouders. In het voorstel hiertoe moeten de redenen voor het voorstel en de
keuze van de voorgenomen koers van uitgifte schriftelijk worden toegelicht. Het voorkeursrecht kan,
mits onder goedkeuring van de raad van commissarissen, ook worden beperkt of uitgesloten door de
raad van bestuur, indien de raad van bestuur door de statuten of bij besluit van de algemene
vergadering van aandeelhouders voor een bepaalde duur van ten hoogste vijf jaren is aangewezen als
bevoegd tot het beperken of uitsluiten van het voorkeursrecht. De aanwijzing kan telkens voor niet
langer dan vijf jaren worden verlengd. Tenzij bij de aanwijzing anders is bepaald, kan zij niet worden ingetrokken. |
| 6.5 | Voor een besluit van de algemene vergadering van aandeelhouders tot beperking of uitsluiting van het voorkeursrecht op gewone aandelen of tot aanwijzing, als in het vorige lid bedoeld, is een meerderheid van ten minste twee/derde van de uitgebrachte stemmen vereist, indien minder dan de helft van het geplaatste kapitaal in de vergadering is vertegenwoordigd. De raad van bestuur legt binnen acht dagen na dat besluit een volledige tekst daarvan neer ten kantore van het handelsregister. |
| 6.6 | Bij het verlenen van rechten tot het nemen van gewone aandelen hebben de houders van gewone aandelen een voorkeursrecht; de leden 2 tot en met 5 van dit artikel zijn van overeenkomstige toepassing. Aandeelhouders hebben geen voorkeursrecht op aandelen die worden uitgegeven aan iemand die een voordien reeds verkregen recht tot het nemen van aandelen uitoefent. |
Verkrijging van eigen aandelen.
Artikel 7.
| 7.1 | De raad van bestuur kan, mits met machtiging van de algemene vergadering van aandeelhouders en
onverminderd het bepaalde in artikel 98d, Boek 2, Burgerlijk Wetboek, de vennootschap volgestorte
aandelen in haar eigen kapitaal onder bezwarende titel doen verwerven.
Zodanige verwerving is evenwel slechts toegestaan indien:
|
| 7.2 | Bij de machtiging, die voor ten hoogste achttien maanden geldt, moet de algemene vergadering van
aandeelhouders bepalen hoeveel en welke soort aandelen mogen worden verkregen, hoe zij mogen
worden verkregen en tussen welke grenzen de prijs moet liggen. De hiervoor in dit lid bedoelde machtiging is niet vereist, voorzover de vennootschap aandelen in haar eigen kapitaal verkrijgt om, krachtens een voor hen geldende regeling, over te dragen aan werknemers in dienst van de vennootschap of van een groepsmaatschappij. |
| 7.3 | De raad van bestuur besluit onder goedkeuring van de raad van commissarissen tot vervreemding van
de door de vennootschap verworven aandelen in haar eigen kapitaal. Bij zodanige vervreemding bestaat geen voorkeursrecht. Indien certificaten van aandelen in de vennootschap zijn uitgegeven, worden voor de toepassing van het in dit lid bepaalde zodanige certificaten met aandelen gelijkgesteld. |
| 7.4 | De vennootschap kan aan aandelen in haar eigen kapitaal geen recht op enige uitkering ontlenen;
evenmin ontleent zij enig recht op een zodanige uitkering aan aandelen waarvan zij de certificaten
houdt. Bij de berekening van de winstverdeling tellen de aandelen bedoeld in de vorige zin niet mee tenzij op zodanige aandelen of op de certificaten daarvan een vruchtgebruik ten behoeve van een ander dan de vennootschap rust. |
| 7.5 | Geen stem kan worden uitgebracht voor aandelen in het kapitaal van de vennootschap, die worden gehouden door de vennootschap zelf, dan wel door of voor rekening van een dochtermaatschappij, tenzij op die aandelen een recht van vruchtgebruik of pandrecht rust ten behoeve van een ander dan de vennootschap of een dochtermaatschappij, het stemrecht op die aandelen aan die ander toekomt en het recht van vruchtgebruik of pandrecht door een ander dan de vennootschap of dochtermaatschappij is gevestigd. |
| 7.6 | Evenmin kan de vennootschap of een dochtermaatschappij stem uitbrengen voor aandelen in het
kapitaal van de vennootschap, waarop de vennootschap of die dochtermaatschappij een recht van
vruchtgebruik of pandrecht heeft. Voor aandelen waarvan de vennootschap of een dochtermaatschappij de certificaten houdt, kan geen stem worden uitgebracht. |
| 7.7 | Bij de vaststelling of een bepaald gedeelte van het kapitaal ter vergadering is vertegenwoordigd, dan wel of een meerderheid een bepaald gedeelte van het kapitaal vertegenwoordigt, wordt het kapitaal verminderd met het bedrag van de aandelen, waarvoor geen stem kan worden uitgebracht. |
Kapitaalvermindering.
Artikel 8.
| 8.1 | De algemene vergadering van aandeelhouders kan besluiten tot vermindering van het geplaatste kapitaal door intrekking van aandelen of door het nominale bedrag van aandelen bij statutenwijziging te verminderen. In dit besluit moeten de aandelen waarop het besluit betrekking heeft, worden aangewezen en moet de uitvoering van het besluit zijn geregeld. |
| 8.2 | Gedeeltelijke terugbetaling op aandelen of ontheffing van de verplichting tot storting als bedoeld in
artikel 99, Boek 2, Burgerlijk Wetboek, kan ook plaatsvinden uitsluitend ten aanzien van (i) gewone
aandelen, dan wel (ii) cumulatief preferente aandelen B of (iii) alle financieringspreferente aandelen of
(iv) alle financieringspreferente aandelen van een of meer bepaalde (sub)series. Een gedeeltelijke terugbetaling of ontheffing moet naar evenredigheid op alle betrokken aandelen geschieden. Van het vereiste van evenredigheid mag worden afgeweken met instemming van alle betrokken aandeelhouders. |
| 8.3 | Intrekking met terugbetaling van aandelen als bedoeld in artikel 99, Boek 2, Burgerlijk Wetboek, kan ook plaatsvinden uitsluitend ten aanzien van (i) gewone aandelen, dan wel ii) cumulatief preferente aandelen B of (iii) alle financieringspreferente aandelen of (iv) alle financieringspreferente aandelen van een of meer bepaalde (sub)series of (v) de financieringspreferente aandelen ongeacht de (sub)serie, welke door loting zijn bepaald of (vi) de financieringspreferente aandelen, welke door loting zijn bepaald, van een of meer bepaalde (sub)series. |
| 8.4 | Ingeval van intrekking met terugbetaling van financieringspreferente aandelen worden op de dag van
terugbetaling naast de betaling van het nominale bedrag, ten laste van het uitkeerbare deel van het
vermogen van de vennootschap, de volgende uitkeringen gedaan op ieder ingetrokken
financieringspreferent aandeel:
|
| 8.5 | Ingeval van intrekking met terugbetaling van cumulatief preferente aandelen B wordt op de dag van terugbetaling naast de betaling van het nominale gestorte bedrag, ten laste van het uitkeerbare deel van het vermogen van de vennootschap, een uitkering gedaan op ieder ingetrokken cumulatief preferent aandeel B welke zoveel mogelijk in overeenstemming met het bepaalde in artikel 32, lid 4 wordt berekend. De raad van bestuur zal in verband met bedoelde uitkering een tussentijdse vermogensopstelling opmaken als bedoeld in artikel 105, lid 4, Boek 2, Burgerlijk Wetboek. |
| 8.6 | Voor een besluit tot kapitaalvermindering is een meerderheid van ten minste twee/derde van de uitgebrachte stemmen vereist, indien minder dan de helft van het geplaatste kapitaal in de vergadering is vertegenwoordigd. Een zodanig besluit behoeft bovendien de goedkeuring, voorafgaand of gelijktijdig, van de vergadering(en) van houders van aandelen van een soort aan wier rechten afbreuk wordt gedaan; de bepaling vervat in de vorige zin ten aanzien van de besluitvorming vindt te dien aanzien overeenkomstige toepassing. De oproeping tot een vergadering waarin een in dit lid bedoeld besluit wordt genomen, vermeldt het doel van de kapitaalvermindering en de wijze van uitvoering. Het tweede, derde en vierde lid van artikel 123, Boek 2, Burgerlijk Wetboek, zijn van overeenkomstige toepassing. |
Pandrecht.
Artikel 9.
De vennootschap kan eigen aandelen of certificaten daarvan slechts in pand nemen, indien:
Aandelen en aandeelbewijzen.
Artikel 10.
| 10.1 | De gewone aandelen luiden ter keuze van de aandeelhouder op naam of aan toonder. De preferente aandelen luiden op naam. |
| 10.2 | De aandelen op naam worden ingeschreven in het hierna te noemen register. De gewone aandelen die
op naam luiden zijn doorlopend genummerd van 1 af. De cumulatief preferente aandelen B zijn doorlopend genummerd van B1 af. Elke serie financieringspreferente aandelen is voorzien van een serieaanduiding en doorlopend genummerd van FP1 af en elke subserie is voorzien van een subserieaanduiding en doorlopend genummerd van 1 af. |
| 10.3 | Voor de preferente aandelen en de gewone aandelen op naam worden geen aandeelbewijzen uitgegeven. Alle gewone aandelen aan toonder worden belichaamd in één aandeelbewijs. |
| 10.4 | Een houder van een gewoon aandeel kan de vennootschap schriftelijk mededelen dat hij zijn aandeel in de vorm van een aandeel op naam wenst; zonder die mededeling zal zijn aandeel aan toonder zijn belichaamd in het in lid 3 bedoelde aandeelbewijs. |
| 10.5 | De vennootschap doet het in lid 3 van dit artikel bedoelde aandeelbewijs voor de rechthebbende(n) bewaren door het Nederlands Centraal Instituut voor Giraal Effectenverkeer, zijnde het centraal instituut in de zin van de Wet giraal effectenverkeer (hierna: "Necigef"). |
| 10.6 | De vennootschap kent aan een rechthebbende een recht terzake van een gewoon aandeel aan toonder toe doordat (a) Necigef de vennootschap in staat stelt een gewoon aandeel op het aandeelbewijs bij te (doen) schrijven; en (b) de rechthebbende een aangesloten instelling, als bedoeld in de Wet giraal effectenverkeer (hierna: "aangesloten instelling") aanwijst, die hem dienovereenkomstig als deelgenoot (hierna: "deelgenoot") in het verzameldepot, als bedoeld in de Wet giraal effectenverkeer, crediteert. |
| 10.7 | Onverminderd het bepaalde in artikel 27, lid 5 van deze statuten is het beheer over het aandeelbewijs onherroepelijk opgedragen aan Necigef, en is Necigef onherroepelijk gevolmachtigd namens de rechthebbende(n) ter zake van de desbetreffende aandelen al het nodige te doen, waaronder aanvaarden en leveren, en namens de vennootschap mede te werken aan bijschrijving op en afschrijving van het aandeelbewijs. |
| 10.8 | Indien een deelgenoot van de aangesloten instelling uitlevering wenst van een of meer gewone
aandelen aan toonder tot ten hoogste een hoeveelheid waarvoor hij deelgenoot is, zullen, per het
tijdstip van het kenbaar maken van vorenbedoelde wens, deze door deze deelgenoot gehouden
gewone aandelen aan toonder worden omgezet in evenzoveel gewone aandelen op naam, en zal (a)
Necigef bij akte deze gewone aandelen aan de gerechtigde leveren, (b) de vennootschap de levering
erkennen, (c) Necigef de vennootschap in staat stellen deze gewone aandelen van het aandeelbewijs te
(doen) afschrijven, (d) de desbetreffende aangesloten instelling de rechthebbende dienovereenkomstig
als deelgenoot in haar verzameldepot debiteren en (e) de raad van bestuur van de vennootschap de
houder als houder van aandelen op naam in het aandeelhoudersregister (doen) inschrijven. Omzetting van aandelen aan toonder in aandelen op naam en omgekeerd kan niet plaatsvinden in de periode tussen het registratietijdstip als bedoeld in artikel 27, lid 1 en de algemene vergadering van aandeelhouders waarvoor het registratietijdstip is vastgesteld. De vennootschap mag de aandeelhouder die zijn aandelen op naam of aan toonder doet stellen op grond van het bepaalde in dit lid of in lid 2 van dit artikel niet meer dan de kosten in rekening brengen. |
| 10.9 | Een aandeelhouder kan te allen tijde een of meer van zijn gewone aandelen op naam aan toonder doen stellen doordat (a) de rechthebbende die aandelen bij akte aan Necigef levert, (b) de vennootschap de levering erkent, (c) Necigef de vennootschap in staat stelt die aandelen op het aandeelbewijs bij te (doen) schrijven, (d) een door de rechthebbende aangewezen aangesloten instelling de rechthebbende dienovereenkomstig als deelgenoot in haar verzameldepot crediteert en (e) de raad van bestuur van de vennootschap de rechthebbende als houder van die aandelen uit het aandeelhoudersregister (doet) uitschrijven. |
Aandeelhoudersregister.
Artikel 11.
| 11.1 | De raad van bestuur houdt een register waarin de namen en adressen van alle houders van aandelen op naam zijn opgenomen, met vermelding van de datum waarop zij de aandelen hebben verkregen, de datum van de erkenning of betekening, ten aanzien van financieringspreferente aandelen, de serie, het op ieder aandeel gestorte bedrag inclusief het op het aandeel gestorte agio, alsmede de overige volgens de wet vereiste gegevens. Daarin worden tevens de namen en adressen opgenomen van hen, die een recht van vruchtgebruik of een pandrecht op aandelen op naam hebben, met vermelding van de datum waarop zij het recht hebben verkregen, de datum van erkenning of betekening alsmede met vermelding welke aan de aandelen verbonden rechten hun overeenkomstig de leden 2 en 4 van de artikelen 88 en 89, Boek 2, Burgerlijk Wetboek, toekomen. Het register wordt regelmatig bijgehouden; daarin wordt mede aangetekend elk verleend ontslag van aansprakelijkheid voor nog niet gedane stortingen. |
| 11.2 | Iedere houder van aandelen op naam, zomede een ieder, die een recht van vruchtgebruik of pandrecht op aandelen op naam heeft, is verplicht aan de raad van bestuur zijn adres op te geven. |
| 11.3 | Elke aantekening in het register, bedoeld in het eerste lid, wordt ondertekend door de voorzitter van de raad van bestuur, casu quo – indien de vennootschap slechts een lid van de raad van bestuur heeft – door dat lid van de raad van bestuur, en door de voorzitter van de raad van commissarissen. Beide handtekeningen kunnen in facsimile worden gesteld. |
| 11.4 | De raad van bestuur verstrekt desgevraagd aan een houder van een aandeel op naam, een
vruchtgebruiker en een pandhouder van een aandeel op naam om niet een uittreksel uit het register
met betrekking tot zijn recht op een aandeel. Rust op het aandeel een recht van vruchtgebruik of een
pandrecht, dan vermeldt het uittreksel aan wie het stemrecht en de in lid 4 van de artikelen 88 en 89,
Boek 2, Burgerlijk Wetboek, bedoelde rechten toekomen. De raad van bestuur legt het register ten kantore van de vennootschap ter inzage van de houders van aandelen op naam, alsmede van de vruchtgebruikers en pandhouders van een aandeel op naam, aan wie de in lid 4 van de artikelen 88 en 89, Boek 2, Burgerlijk Wetboek, bedoelde rechten toekomen. De gegevens van het register omtrent niet-volgestorte cumulatief preferente aandelen B zijn ter inzage van een ieder; afschrift of uittreksel van deze gegevens wordt tegen ten hoogste kostprijs verstrekt. |
Levering van aandelen op naam.
Artikel 12.
De levering van aandelen op naam of de levering van een beperkt recht daarop geschiedt met
inachtneming van het bepaalde in artikel 86c, Boek 2, Burgerlijk Wetboek.
Blokkering preferente aandelen.
Artikel 13.
| 13.1 | Voor elke overdracht van preferente aandelen is goedkeuring vereist van de raad van bestuur met uitzondering van een overdracht van cumulatief preferente aandelen F, serie FP4, subseries 1 en 2. De goedkeuring wordt schriftelijk verzocht, waarbij de naam en het adres van de beoogde verkrijger, alsmede de prijs of andere tegenprestatie die de beoogde verkrijger bereid is te betalen of te geven, moet worden medegedeeld. |
| 13.2 | Indien de goedkeuring wordt geweigerd, is de raad van bestuur verplicht tegelijkertijd een of meer gegadigden aan te wijzen die bereid en in staat zijn al de aandelen, waarop het verzoek betrekking heeft, tegen contante betaling te kopen tegen een prijs, door de vervreemder en de raad van bestuur binnen twee maanden na die aanwijzing in onderling overleg vast te stellen. |
| 13.3 | Indien de vervreemder niet binnen drie maanden na ontvangst door de vennootschap van het verzoek tot goedkeuring van de voorgenomen overdracht van de vennootschap een schriftelijke mededeling daaromtrent heeft ontvangen dan wel een tijdige schriftelijke weigering tot goedkeuring niet tegelijkertijd vergezeld is gegaan van de aanwijzing van een of meer gegadigden als in lid 2 bedoeld, wordt de goedkeuring tot overdracht na verloop van genoemde periode respectievelijk na ontvangst van het bericht van weigering geacht te zijn verleend. |
| 13.4 | Indien binnen twee maanden na de weigering van de goedkeuring geen overeenstemming tussen de vervreemder en de raad van bestuur omtrent de in lid 2 bedoelde prijs is bereikt, zal deze prijs worden vastgesteld door een deskundige, aan te wijzen door de vervreemder en de raad van bestuur in onderling overleg of, bij gebreke van overeenstemming daaromtrent binnen drie maanden na de weigering van de goedkeuring, door de voorzitter van de Kamer van Koophandel en Fabrieken van de plaats waar de vennootschap feitelijk is gevestigd, op verzoek van de vervreemder of de raad van bestuur. |
| 13.5 | De vervreemder zal het recht hebben van de overdracht af te zien, mits hij binnen één maand, nadat zowel de naam van de aangewezen gegadigde(n) als de vastgestelde prijs aan hem is medegedeeld, hiervan schriftelijk mededeling doet aan de raad van bestuur. |
| 13.6 | In geval van goedkeuring tot overdracht als bedoeld in lid 1 of lid 3 is de vervreemder gerechtigd gedurende een periode van drie maanden na deze goedkeuring alle aandelen waarop zijn verzoek betrekking had over te dragen aan de in het verzoek genoemde verkrijger, tegen de door hem genoemde prijs of tegenprestatie bedoeld in lid 1. |
Certificaten.
Artikel 14.
Waar hierna in deze statuten van certificaathouders of houders van certificaten van aandelen, op naam
dan wel aan toonder, wordt gesproken, worden daaronder verstaan houders van met medewerking van
de vennootschap uitgegeven certificaten van aandelen en personen, die ingevolge artikel 88 of artikel
89, Boek 2, Burgerlijk Wetboek, de rechten hebben, die door de wet zijn toegekend aan houders van
met medewerking van de vennootschap uitgegeven certificaten van aandelen.
Meerdere gerechtigden tot een aandeel.
Artikel 15.
Zijn meerdere personen tot een aandeel gerechtigd, dan kunnen de rechthebbenden zich tegenover de
vennootschap slechts door een door hen schriftelijk gevolmachtigde doen vertegenwoordigen.
Raad van bestuur.
Artikel 16.
| 16.1 | De vennootschap wordt bestuurd door een raad van bestuur, bestaande uit een door de raad van
commissarissen te bepalen aantal van twee of meer leden. De raad van commissarissen wijst één van
hen tot voorzitter aan. De raad van bestuur besluit met volstrekte meerderheid van stemmen; bij staking van stemmen komt geen besluit tot stand, tenzij er meer dan twee leden van de raad van bestuur zijn in welk geval de voorzitter een doorslaggevende stem heeft. De raad van bestuur kan ook buiten vergadering besluiten nemen, mits dit schriftelijk, telegrafisch, elektronisch, per telecopier, telefonisch of middels videoconferencing geschiedt en mits het onderwerp in kwestie onder de aandacht van alle leden van de raad van bestuur is gebracht, geen van de leden van de raad van bestuur bezwaar heeft aangetekend tegen deze wijze van besluitvorming, ieder van hen deel heeft genomen aan de besluitvorming en, ingeval van vergadering telefonisch of middels videoconferencing, alle leden van de raad van bestuur elkaar tegelijkertijd kunnen verstaan. |
| 16.2 | De leden van de raad van bestuur worden – met inachtneming van het bepaalde in artikel 162, Boek 2, Burgerlijk Wetboek – benoemd door de raad van commissarissen. De raad van commissarissen geeft de algemene vergadering van aandeelhouders kennis van een voorgenomen benoeming van een lid van de raad van bestuur. |
| 16.3 | Een lid van de raad van bestuur wordt benoemd voor een periode van ten hoogste vier jaar. De zittingsperiode eindigt na afloop van de eerstvolgende jaarlijkse algemene vergadering van aandeelhouders, te houden in het vierde jaar na het jaar van zijn benoeming, tenzij dat lid van de raad van bestuur eerder aftreedt. Een lid van de raad van bestuur kan worden herbenoemd, met inachtneming van het hiervoor in dit lid bepaalde. De raad van commissarissen kan voor de leden van de raad van bestuur een rooster van aftreden vaststellen. |
| 16.4 | De raad van commissarissen kan een lid van de raad van bestuur te allen tijde schorsen of ontslaan, met
dien verstande dat hij een lid van de raad van bestuur niet ontslaat dan nadat de algemene vergadering
van aandeelhouders over het voorgenomen ontslag is gehoord. Ingeval van schorsing van een lid van de
raad van bestuur is, indien niet binnen drie maanden na het besluit tot schorsing de raad van
commissarissen overgaat tot verlenging van de schorsing, hetgeen niet meer dan eenmaal en voor ten
hoogste twee maanden kan geschieden, of – met inachtneming van de vorige zin – tot ontslag, het
desbetreffende lid van de raad van bestuur in zijn functie hersteld. Een geschorst lid van de raad van bestuur wordt in de gelegenheid gesteld zich in de raad van commissarissen te verantwoorden en zich daarbij door een raadsman te doen bijstaan. |
| 16.5 | Ingeval van belet of ontstentenis van één of meer leden van de raad van bestuur zijn de overblijvende
leden van de raad van bestuur of is het enig overblijvende lid van de raad van bestuur tijdelijk met het
gehele bestuur belast. Ingeval van belet of ontstentenis van alle leden van de raad van bestuur of het enige lid van de raad van bestuur is de raad van commissarissen voorlopig met het bestuur belast; de raad van commissarissen is alsdan bevoegd om één of meer tijdelijke bestuurders aan te wijzen. Ingeval van ontstentenis neemt de raad van commissarissen zo spoedig mogelijk de nodige maatregelen teneinde een definitieve voorziening te doen treffen. |
| 16.6 | De raad van bestuur vergadert zo dikwijls een lid van de raad van bestuur het verlangt. |
| 16.7 | De raad van bestuur kan, met inachtneming van deze statuten, een reglement opstellen, waarin
aangelegenheden, hem betreffende, worden geregeld. Vaststelling en wijziging van het reglement
behoeft de goedkeuring van de raad van commissarissen. Voorts kunnen de leden van de raad van bestuur, al dan niet bij reglement, hun werkzaamheden onderling verdelen; deze verdeling behoeft de goedkeuring van de raad van commissarissen. |
Goedkeuring van besluiten van de raad van bestuur.
Investeringsplan.
Artikel 17.
| 17.1 | Aan de goedkeuring van de raad van commissarissen zijn onderworpen de besluiten van de raad van bestuur als bedoeld in artikel 164, Boek 2, Burgerlijk Wetboek alsmede andere besluiten waarvan de raad van commissarissen na overleg met de raad van bestuur bepaalt dat deze zijn onderworpen aan de goedkeuring van de raad van commissarissen. |
| 17.2 | Onverminderd het elders in deze statuten bepaalde behoeft de raad van bestuur de voorafgaande
goedkeuring van de algemene vergadering van aandeelhouders voor besluiten van de raad van bestuur
omtrent een belangrijke verandering van de identiteit of het karakter van de vennootschap of de
onderneming, waaronder in ieder geval:
|
| 17.3 | De raad van bestuur stelt jaarlijks voor een door de raad van commissarissen te bepalen datum een operationeel plan op, tevens inhoudende de voor dat jaar voorziene investeringen, mede betrekking hebbende op vennootschappen, waarin de vennootschap rechtstreeks of middellijk deelneemt, en legt dit plan ter goedkeuring aan de raad van commissarissen voor. |
Vertegenwoordiging.
Artikel 18.
| 18.1 | De raad van bestuur is, voor zover uit de wet niet anders voortvloeit, bevoegd tot vertegenwoordiging van de vennootschap. De bevoegdheid tot vertegenwoordiging komt mede toe aan ieder lid van de raad van bestuur. |
| 18.2 | Indien een lid van de raad van bestuur in privé een overeenkomst met de vennootschap sluit of in privé
enigerlei procedure tegen de vennootschap voert, wordt de vennootschap terzake vertegenwoordigd
door een persoon, daartoe aan te wijzen door de raad van commissarissen, tenzij de algemene
vergadering van aandeelhouders daartoe een persoon aanwijst. Indien een lid van de raad van bestuur op enige andere wijze dan in de vorige zin omschreven een belang heeft, strijdig met dat van de vennootschap, is hij, evenals ieder van de andere leden van de raad van bestuur, bevoegd de vennootschap te vertegenwoordigen. |
Raad van commissarissen.
Artikel 19.
| 19.1 | De vennootschap heeft een raad van commissarissen, bestaande uit natuurlijke personen; de raad van commissarissen stelt het aantal commissarissen, hetwelk ten minste vijf zal belopen, vast, met dien verstande, dat de raad van commissarissen slechts met toestemming van de algemene vergadering van aandeelhouders het aantal commissarissen op meer dan acht kan vaststellen. Is het aantal commissarissen minder dan vijf, dan neemt de raad onverwijld maatregelen tot aanvulling van zijn ledental; intussen blijft de raad wettig geconstitueerd. |
| 19.2 | De raad van commissarissen heeft tot taak toezicht te houden op het beleid van de raad van bestuur en
op de algemene gang van zaken in de vennootschap en de met haar verbonden onderneming.
Hij staat de raad van bestuur met raad terzijde. Bij de vervulling van hun taak richten de commissarissen
zich naar het belang van de vennootschap en de met haar verbonden onderneming. De raad van
bestuur verschaft de raad van commissarissen tijdig de voor de uitoefening van diens taak
noodzakelijke gegevens. De raad van bestuur stelt ten minste een keer per jaar de raad van commissarissen schriftelijk op de hoogte van de hoofdlijnen van het strategisch beleid, de algemene en financiële risico’s en het beheersen controlesysteem van de vennootschap. |
| 19.3 | Commissarissen kunnen niet zijn:
|
| 19.4 | De raad van commissarissen stelt een profielschets voor zijn omvang en samenstelling vast, rekening houdend met de aard van de onderneming, haar activiteiten en de gewenste deskundigheid en achtergrond van de commissarissen. De raad bespreekt de profielschets en iedere wijziging daarvan in de algemene vergadering van aandeelhouders en met de ondernemingsraad als bedoeld in het elfde lid van artikel 158, Boek 2, Burgerlijk Wetboek, hierna te noemen: de ondernemingsraad. |
| 19.5 | De commissarissen worden op voordracht van de raad van commissarissen benoemd door de algemene
vergadering van aandeelhouders; in het geval bedoeld in de laatste zin van lid 10 van dit artikel
geschiedt de benoeming door de raad van commissarissen. De raad van commissarissen maakt de voordracht gelijktijdig bekend aan de algemene vergadering van aandeelhouders en aan de ondernemingsraad. |
| 19.6 | De algemene vergadering van aandeelhouders en de ondernemingsraad kunnen aan de raad van
commissarissen personen aanbevelen om als commissaris te worden voorgedragen. De raad van commissarissen deelt hun daartoe tijdig mede wanneer, ten gevolge waarvan en overeenkomstig welk profiel in zijn midden een plaats moet worden vervuld. Indien voor de plaats het in lid 8 van dit artikel bedoelde versterkte recht van aanbeveling geldt, doet de raad van commissarissen daarvan eveneens mededeling. |
| 19.7 | Alle aanbevelingen voor de benoeming of herbenoeming van een commissaris worden gemotiveerd en zullen vermelden de naam van en de in artikel 142, lid 3, Boek 2, Burgerlijk Wetboek, bedoelde gegevens betreffende degene, die wordt aanbevolen. Bij herbenoeming wordt rekening gehouden met de wijze waarop de kandidaat zijn taak als commissaris heeft vervuld. |
| 19.8 | Voor een derde van het aantal leden van de raad van commissarissen geldt dat de raad van commissarissen een door de ondernemingsraad aanbevolen persoon op de voordracht plaatst, tenzij de raad van commissarissen bezwaar maakt tegen deze aanbeveling op grond van de verwachting dat de aanbevolen persoon ongeschikt zal zijn voor de vervulling van de taak van commissaris of dat de raad van commissarissen bij benoeming overeenkomstig de aanbeveling niet naar behoren zal zijn samengesteld. Indien het getal van de leden van de raad van commissarissen niet door drie deelbaar is, wordt het naastgelegen lagere getal dat wel door drie deelbaar is in aanmerking genomen voor de vaststelling van het aantal leden waarvoor dit versterkte recht van aanbeveling geldt. |
| 19.9 | Indien de raad van commissarissen bezwaar maakt tegen een door de ondernemingsraad aanbevolen
persoon, deelt hij de ondernemingsraad het bezwaar onder opgave van redenen mede. De raad van
commissarissen treedt onverwijld in overleg met de ondernemingsraad met het oog op het bereiken
van overeenstemming over de voordracht. Indien de raad van commissarissen constateert dat geen
overeenstemming kan worden bereikt, verzoekt een daartoe aangewezen vertegenwoordiger van de
raad van commissarissen aan de ondernemingskamer van het gerechtshof te Amsterdam het bezwaar
gegrond te verklaren. Het verzoek wordt niet eerder ingediend dan nadat vier weken zijn verstreken na aanvang van het overleg met de ondernemingsraad. De raad van commissarissen plaatst de aanbevolen persoon op de voordracht indien de ondernemingskamer het bezwaar ongegrond verklaart. Verklaart de ondernemingskamer het bezwaar gegrond, dan kan de ondernemingsraad een nieuwe aanbeveling doen overeenkomstig het hiervoor in lid 8 van dit artikel bepaalde. |
| 19.10 | De algemene vergadering van aandeelhouders kan met volstrekte meerderheid van de uitgebrachte stemmen vertegenwoordigend ten minste een derde van het geplaatste kapitaal de voordracht afwijzen. Ten aanzien van het bijeenroepen van een nieuwe algemene vergadering van aandeelhouders ter benoeming van de voorgedragen persoon is het bepaalde in het negende lid van artikel 158, Boek 2, Burgerlijk Wetboek van toepassing. Indien de voordracht wordt afgewezen, maakt de raad van commissarissen een nieuwe voordracht op. De leden 6 tot en met 9 van dit artikel zijn van toepassing. Indien de algemene vergadering van aandeelhouders de voorgedragen persoon niet benoemt en niet besluit tot afwijzing van de voordracht, benoemt de raad van commissarissen de voorgedragen persoon. |
Ontbreken van de raad van commissarissen.
Artikel 20.
| 20.1 | Ontbreken alle commissarissen, anders dan ingevolge het hierna in artikel 22 bepaalde, dan geschiedt de benoeming door de algemene vergadering van aandeelhouders. |
| 20.2 | De ondernemingsraad kan personen voor benoeming tot commissaris aanbevelen. Degene die de algemene vergadering van aandeelhouders bijeenroept, deelt de ondernemingsraad daartoe tijdig mede dat de benoeming van commissarissen onderwerp van behandeling in de algemene vergadering van aandeelhouders zal zijn, met vermelding of benoeming van een commissaris plaatsvindt overeenkomstig het aanbevelingsrecht van de ondernemingsraad op grond van artikel 19 lid 8. |
| 20.3 | Artikel 19 leden 8 en 9 zijn van overeenkomstige toepassing. |
Aftreden van commissarissen.
Artikel 21.
| 21.1 | Een lid van de raad van commissarissen wordt benoemd voor een periode, door de raad van
commissarissen te bepalen. De zittingsperiode eindigt uiterlijk na afloop van de eerstvolgende jaarlijkse
algemene vergadering van aandeelhouders, te houden in het vierde jaar na het jaar van zijn benoeming.
Een lid van de raad van commissarissen is terstond herbenoembaar.
Met inachtneming van het hiervoor in dit lid bepaalde stelt de raad van commissarissen een rooster van
aftreden op. Een commissaris kan worden ontslagen of geschorst op de wijze, omschreven in het tweede respectievelijk derde lid van artikel 161, Boek 2, Burgerlijk Wetboek. |
| 21.2 | Een commissaris, benoemd ter vervulling van een tussentijds ontstane vacature, neemt, wat betreft het tijdstip van aftreden, de plaats van zijn voorganger in, tenzij bij de benoeming anders is bepaald. |
| 21.3 | De raad van commissarissen kan bepalen dat een of meer van zijn leden toegang zullen hebben tot alle lokaliteiten, bij de vennootschap in gebruik, en bevoegd zullen zijn inzage te nemen van alle boeken, bescheiden en andere gegevensdragers en tot kennisneming van alle plaats gehad hebbende handelingen, dan wel een gedeelte van deze bevoegdheden zullen kunnen uitoefenen. |
Opzeggen van vertrouwen in de raad van commissarissen.
Artikel 22.
| 22.1 | De algemene vergadering van aandeelhouders kan bij volstrekte meerderheid van de uitgebrachte
stemmen, vertegenwoordigend ten minste een derde van het geplaatste kapitaal, het vertrouwen in de
raad van commissarissen opzeggen. Indien niet ten minste een derde van het geplaatste kapitaal ter vergadering vertegenwoordigd was, kan geen nieuwe vergadering worden bijeen geroepen. Het besluit tot het opzeggen van het vertrouwen in de raad van commissarissen is met redenen omkleed. Het besluit kan niet worden genomen ten aanzien van commissarissen die zijn aangesteld door de ondernemingskamer overeenkomstig lid 3 van dit artikel. |
| 22.2 | Een besluit als bedoeld in lid 1 wordt niet genomen dan nadat de raad van bestuur de ondernemingsraad van het voorstel voor het besluit en de gronden daartoe in kennis heeft gesteld. De kennisgeving geschiedt ten minste dertig dagen voor de algemene vergadering van aandeelhouders waarin het voorstel wordt behandeld. Indien de ondernemingsraad een standpunt over het voorstel bepaalt, stelt de raad van bestuur de raad van commissarissen en de algemene vergadering van aandeelhouders van dit standpunt op de hoogte. De ondernemingsraad kan zijn standpunt in de algemene vergadering van aandeelhouders doen toelichten. |
| 22.3 | Het besluit bedoeld in lid 1 heeft het onmiddellijk ontslag van de leden van de raad van commissarissen tot gevolg. Alsdan verzoekt de raad van bestuur onverwijld aan de ondernemingskamer van het gerechtshof te Amsterdam tijdelijk een of meer commissarissen aan te stellen. De ondernemingskamer regelt de gevolgen van de aanstelling. |
| 22.4 | De raad van commissarissen bevordert dat binnen een door de ondernemingskamer vastgestelde termijn een nieuwe raad wordt samengesteld met inachtneming van artikel 19. |
Artikel 23.
| 23.1 | De raad van commissarissen benoemt uit zijn midden een voorzitter en een vice-voorzitter.
De raad van commissarissen wordt ondersteund door de secretaris van de vennootschap. Hij kan voorts aan één of meer commissarissen speciale taken opdragen en daarvoor een aanvullende beloning toekennen. |
| 23.2 | De raad van commissarissen besluit bij volstrekte meerderheid van stemmen. Bij staking van stemmen heeft de voorzitter van de raad van commissarissen een beslissende stem. |
| 23.3 | Behoudens het in het volgende lid van dit artikel bepaalde, kan de raad van commissarissen geen besluiten nemen, wanneer niet de meerderheid van de commissarissen aanwezig of vertegenwoordigd is. |
| 23.4 | De raad van commissarissen kan ook buiten vergadering besluiten nemen, mits dit schriftelijk, telegrafisch, elektronisch, per telecopier, telefonisch of middels videoconferencing geschiedt en mits het onderwerp in kwestie onder de aandacht van alle leden van de raad van commissarissen is gebracht, geen van de leden van de raad van commissarissen bezwaar heeft aangetekend tegen deze wijze van besluitvorming, ieder van hen deel heeft genomen aan de besluitvorming en, ingeval van vergadering telefonisch of middels videoconferencing, alle leden van de raad van commissarissen elkaar tegelijkertijd kunnen verstaan. |
| 23.5 | Leden van de raad van bestuur zijn, indien zij daartoe worden uitgenodigd, verplicht de vergaderingen
van de raad van commissarissen bij te wonen en alle verlangde inlichtingen te verstrekken. De raad van commissarissen draagt er alsdan zorg voor dat de leden van de raad van bestuur tijdig tot zijn vergaderingen worden opgeroepen. Voorts kan de raad van commissarissen zodanige andere functionarissen tot zijn vergadering toelaten, als hij geraden zal achten. |
| 23.6 | De raad van commissarissen kan zich, voor rekening van de vennootschap bij de uitoefening van zijn taak door een of meer deskundigen doen bijstaan. |
Bezoldiging.
Artikel 24
| 24.1 | Het beleid op het gebied van bezoldiging van de raad van bestuur wordt op voorstel van de raad van
commissarissen vastgesteld door de algemene vergadering van aandeelhouders. Het voorstel voor het bezoldigingsbeleid wordt schriftelijk en gelijktijdig met de aanbieding aan de algemene vergadering van aandeelhouders ter kennisneming aan de daartoe door de wet aangewezen ondernemingsra(a)d(en) aangeboden. |
| 24.2 | De bezoldiging van de leden van de raad van bestuur wordt met inachtneming van het eerste lid van dit artikel bedoelde beleid vastgesteld door de raad van commissarissen. De raad van commissarissen legt ten aanzien van regelingen van bezoldiging van de raad van bestuur in de vorm van aandelen of rechten tot het nemen van aandelen een voorstel ter goedkeuring voor aan de algemene vergadering van aandeelhouders. In het voorstel moet ten minste zijn bepaald hoeveel aandelen of rechten tot het nemen van aandelen aan de raad van bestuur mogen worden toegekend en welke criteria gelden voor toekenning of wijziging. Het ontbreken van de goedkeuring van de algemene vergadering van aandeelhouders tast de vertegenwoordigingsbevoegdheid van de raad van commissarissen niet aan. |
| 24.3 | De algemene vergadering van aandeelhouders kan aan de leden van de raad van commissarissen een bezoldiging toekennen. |
| 24.4 | Voor zover uit de wet niet anders voortvloeit, worden aan leden van de raad van bestuur en leden van
de raad van commissarissen en aan voormalige leden van de raad van bestuur en voormalige leden van
de raad van commissarissen vergoed:
|
Algemene vergaderingen van aandeelhouders.
Artikel 25.
| 25.1 | De jaarlijkse algemene vergadering van aandeelhouders wordt voor een juli gehouden. |
| 25.2 | De agenda voor deze vergadering bevat de volgende onderwerpen:
|
| 25.3 | Buitengewone algemene vergaderingen van aandeelhouders worden, onverminderd het bepaalde in de artikelen 110, 111 en 112, Boek 2, Burgerlijk Wetboek, gehouden zo dikwijls de raad van bestuur en/of de raad van commissarissen zulks besluit(en). |
| 25.4 | Schriftelijke verzoeken als bedoeld in artikel 110, eerste lid en artikel 114a, eerste lid, Boek 2, Burgerlijk Wetboek kunnen elektronisch worden vastgelegd. Verzoeken als bedoeld in artikel 110, eerste lid en artikel 114a, eerste lid, Boek 2, Burgerlijk Wetboek dienen te voldoen aan door de raad van bestuur, onder goedkeuring van de raad van commissarissen, te stellen voorwaarden, welke voorwaarden op de website van de vennootschap worden geplaatst. |
| 25.5 | Binnen drie maanden nadat het voor de raad van bestuur aannemelijk is dat het eigen vermogen van de vennootschap is gedaald tot een bedrag gelijk aan of lager dan de helft van het gestorte en opgevraagde deel van het kapitaal, wordt een algemene vergadering van aandeelhouders gehouden ter bespreking van zo nodig te nemen maatregelen. |
Artikel 26.
| 26.1 | De algemene vergaderingen van aandeelhouders worden gehouden te ‘s Gravenhage, Utrecht, Amsterdam of Bunnik. |
| 26.2 | Alle oproepingen tot algemene vergaderingen van aandeelhouders en in het algemeen alle
kennisgevingen aan aandeelhouders en certificaathouders geschieden door één of meer leden van de
raad van bestuur of één of meer commissarissen door middel van advertenties te plaatsen in ten minste
één landelijk verspreid dagblad, zomede in de Officiële Prijscourant van de te Amsterdam gevestigde
naamloze vennootschap: Euronext Amsterdam N.V., tenzij deze statuten anders bepalen. Houders van aandelen op naam worden daarenboven ter vergadering opgeroepen door middel van een schriftelijk convocatie, verzonden aan de in artikel 11 bedoelde adressen. Op het niet ontvangen van een convocatie, als bedoeld in de vorige zin, kan geen beroep worden gedaan teneinde de geldigheid van de vergadering te betwisten. De raad van bestuur kan, onder goedkeuring van de raad van commissarissen, besluiten dat de in dit artikel bedoelde advertenties en/of schriftelijke convocaties (i) ten aanzien van een vergadergerechtigde die zijn vergaderrecht ontleent aan een aandeel op naam en die daarmee instemt wordt/worden vervangen door een langs de elektronische weg toegezonden leesbaar en reproduceerbaar bericht aan het adres dat door hem voor dit doel aan de vennootschap bekend is gemaakt en/of (ii) ten aanzien van vergadergerechtigden die hun vergaderrechten ontlenen aan een aandeel aan toonder wordt vervangen door een aankondiging op de website van de vennootschap. |
| 26.3 | In de oproeping wordt de agenda opgenomen, tenzij de agenda ten kantore van de vennootschap ter
inzage ligt en zulks bij de oproeping wordt medegedeeld onder vermelding, dat de agenda voor
aandeelhouders en certificaathouders kosteloos verkrijgbaar is. Van een voorstel tot statutenwijziging of tot kapitaalvermindering moet echter steeds bij de oproeping zelf mededeling worden gedaan. De oproeping tot een vergadering waarin een voorstel tot kapitaalvermindering wordt gedaan, vermeldt voorts het doel van de kapitaalvermindering en de wijze van uitvoering. Indien het betreft een voorstel tot statutenwijziging of kapitaalvermindering wordt tegelijkertijd met de oproeping een afschrift van het voorstel, waarin de voorgestelde statutenwijziging respectievelijk waarin het doel van de kapitaalvermindering en de wijze van uitvoering daarvan woordelijk is/zijn opgenomen, tot de afloop van de algemene vergadering van aandeelhouders, waarin het besluit omtrent dat voorstel is genomen, voor iedere aandeelhouder en certificaathouder ter inzage gelegd ten kantore van de vennootschap en op zodanige plaatsen als bij de oproeping zal worden medegedeeld. De afschriften zijn op vorenbedoelde plaatsen voor aandeelhouders en certificaathouders gratis verkrijgbaar. Omtrent onderwerpen, ten aanzien waarvan niet is voldaan aan het hiervoor in dit lid bepaalde en waarvan de behandeling niet alsnog op overeenkomstige wijze en met inachtneming van de voor de oproeping gestelde termijn is aangekondigd, kunnen geen geldige besluiten worden genomen. |
| 26.4 | Een of meer aandeelhouders en/of houders van met medewerking van de vennootschap uitgegeven certificaten van aandelen die ten minste een honderdste gedeelte van het geplaatste kapitaal vertegenwoordigen of ten minste een waarde vertegenwoordigen van vijftig miljoen euro (EUR50.000.000,–) kunnen aan de raad van bestuur of de raad van commissarissen, ten minste zestig dagen voor de dag waarop de vergadering zal worden gehouden, verzoeken een onderwerp op de agenda te plaatsen. De raad van commissarissen en de raad van bestuur kunnen besluiten om zodanige voorgestelde onderwerpen niet op de agenda te plaatsen, indien zij van oordeel zijn dat zwaarwichtige belangen van de vennootschap zich daartegen verzetten. |
| 26.5 | De oproeping geschiedt op een termijn van ten minste veertien dagen voor de vergadering, de dag van oproeping en die van de vergadering niet meegerekend. |
Bijwonen van de algemene vergaderingen van aandeelhouders.
Artikel 27.
| 27.1 | De raad van bestuur kan bepalen dat als stem- en vergadergerechtigden hebben te gelden zij die (i) op
een door de raad van bestuur te bepalen tijdstip die rechten zullen hebben of op grond van het
bepaalde in lid 5 geacht worden die rechten te hebben, dat tijdstip hierna te noemen: het
"registratietijdstip" en (ii) als zodanig zijn ingeschreven in een door de raad van bestuur aangewezen
register (of een of meer delen daarvan) (het "register"), mits (iii) de houder van het register op verzoek
van de desbetreffende gerechtigde vóór de algemene vergadering van aandeelhouders schriftelijk aan
de vennootschap kennis heeft gegeven dat de desbetreffende gerechtigde voornemens is de algemene
vergadering van aandeelhouders bij te wonen, ongeacht wie ten tijde van de algemene vergadering van
aandeelhouders gerechtigde is als hiervoor bedoeld. De kennisgeving vermeldt de naam van de gerechtigde en het aantal aandelen waarvoor de gerechtigde gerechtigd is de algemene vergadering van aandeelhouders bij te wonen. Het hiervoor onder (iii) bepaalde omtrent de kennisgeving aan de vennootschap geldt tevens voor de gevolmachtigde van een gerechtigde. |
| 27.2 | Het in het vorige lid bedoelde registratietijdstip en het in dat lid bedoelde tijdstip waarop uiterlijk het voornemen om de algemene vergadering van aandeelhouders bij te wonen moet zijn kenbaar gemaakt, kan niet vroeger gesteld worden dan op een tijdstip op de dertigste dag en niet later dan op een tijdstip op de derde dag vóór die van de algemene vergadering van aandeelhouders. Bij de oproeping van de algemene vergadering van aandeelhouders wordt dat tijdstip, voorzover van toepassing, vermeld, alsmede waar en de wijze waarop registratie dient te geschieden. |
| 27.3 | Indien de raad van bestuur gebruik maakt van de in lid 1 bedoelde bevoegdheid, moeten gevolmachtigden hun volmacht afgeven aan de in dat lid bedoelde houder van het register voordat de in dat lid bedoelde kennisgeving geschiedt. De houder van het register zal de afgegeven volmachten meezenden met de in lid 1, sub (iii) bedoelde schriftelijke kennisgeving aan de vennootschap. De raad van bestuur kan bepalen dat de volmachten van stemgerechtigden aan de presentielijst worden gehecht. |
| 27.4 | Indien de raad van bestuur gebruik maakt van het bepaalde in lid 1 van dit artikel kan de raad van bestuur, onder goedkeuring van de raad van commissarissen, besluiten dat stemgerechtigde vergadergerechtigden binnen een door de raad van bestuur vast te stellen periode voorafgaande aan de algemene vergadering van aandeelhouders, welke periode niet eerder kan aanvangen dan het in lid 2 van dit artikel bedoelde registratietijdstip, via een door de raad van bestuur te bepalen elektronisch communicatiemiddel hun stem kunnen uitbrengen. Stemmen uitgebracht in overeenstemming met het in de vorige zin bepaalde, worden gelijkgesteld met stemmen die ten tijde van de vergadering worden uitgebracht. De raad van bestuur kan, onder goedkeuring van de raad van commissarissen, voorwaarden verbinden aan het gebruik van het elektronisch communicatiemiddel. |
| 27.5 | Wat betreft het recht tot het gratis verkrijgen van de stukken en gegevens bedoeld in artikel 26, lid 3, het recht een algemene vergadering van aandeelhouders bij te wonen, daarin het woord te voeren en wat betreft het stemrecht van gerechtigden tot een verzameldepot zal de vennootschap als aandeelhouder beschouwen degene die wordt genoemd in de hierna bedoelde schriftelijke verklaring van een aangesloten instelling. De verklaring van de aangesloten instelling vermeldt dat de in die verklaring genoemde hoeveelheid aandelen aan toonder behoort tot haar verzameldepot en dat de in de verklaring genoemde persoon tot de genoemde hoeveelheid aandelen deelgenoot in haar verzameldepot is. Indien de raad van bestuur gebruik maakt van de in lid 1 bedoelde bevoegdheid, zal de verklaring van de aangesloten instelling vermelden dat de in de verklaring genoemde persoon tot het genoemde aantal aandelen deelgenoot zal blijven in haar verzameldepot tot en met het in lid 1 bedoelde registratietijdstip. Indien de raad van bestuur geen gebruik maakt van de in lid 1 bedoelde bevoegdheid, zal de verklaring van de aangesloten instelling vermelden dat de in de verklaring genoemde persoon tot het genoemde aantal aandelen deelgenoot zal blijven in haar verzameldepot tot na de algemene vergadering van aandeelhouders. De desbetreffende verklaring dient uiterlijk op de in de oproeping vastgestelde datum te worden overgelegd. Indien de raad van bestuur gebruik maakt van de in lid 1 bedoelde bevoegdheid, dient de verklaring te worden afgegeven aan de in dat lid bedoelde houder van het register voordat de in dat lid bedoelde kennisgeving geschiedt. De houder van het register zal de afgegeven verklaringen meezenden met de in lid 1, sub (iii) bedoelde schriftelijke kennisgeving aan de vennootschap. Indien de raad van bestuur geen gebruik maakt van de in lid 1 bedoelde bevoegdheid, dient de verklaring te worden afgegeven aan de raad van bestuur. Het hiervoor in dit lid bepaalde is van overeenkomstige toepassing op overige vergadergerechtigden die hun rechten ontlenen aan toonderaandelen. |
| 27.6 | Alvorens tot een vergadering te worden toegelaten moet een aandeelhouder, een certificaathouder of zijn gevolmachtigde een presentielijst tekenen onder vermelding van zijn naam. Indien het een gevolmachtigde van een aandeelhouder of een certificaathouder betreft, wordt/worden tevens de naam (namen) vermeld van degene(n) voor wie de gevolmachtigde optreedt. |
| 27.7 | De raad van bestuur kan, onder goedkeuring van de raad van commissarissen, besluiten dat iedere vergadergerechtigde bevoegd is om door middel van een elektronisch communicatiemiddel rechtstreeks kennis te nemen van de verhandelingen ter vergadering. De raad van bestuur kan, onder goedkeuring van de raad van commissarissen, besluiten dat iedere stemgerechtigde vergadergerechtigde bevoegd is om door middel van een elektronisch communicatiemiddel, hetzij in persoon, hetzij bij een schriftelijk gevolmachtigde, het stemrecht uit te oefenen. Daartoe is vereist dat de stemgerechtigde vergadergerechtigde via het elektronische communicatiemiddel kan worden geïdentificeerd en rechtstreeks kan kennisnemen van de verhandelingen ter vergadering. De raad van bestuur kan, onder goedkeuring van de raad van commissarissen, voorwaarden verbinden aan het gebruik van het elektronisch communicatiemiddel. |
| 27.8 | Van de hiervoor in dit artikel vermelde formaliteiten voor het deelnemen aan een algemene vergadering van aandeelhouders zal in de oproeping voor een algemene vergadering steeds melding worden gemaakt voorzover voor aandeelhouders en certificaathouders noodzakelijk om hun rechten te kunnen uitoefenen. Voorts zal van de hiervoor in dit artikel vermelde voorwaarden verbonden aan het gebruik van het elektronisch communicatiemiddel in de oproeping voor een algemene vergadering melding worden gemaakt en zullen deze voorwaarden op de website van de vennootschap worden geplaatst. |
Artikel 28.
| 28.1 | De algemene vergadering van aandeelhouders wordt voorgezeten door de voorzitter van de raad van
commissarissen of bij zijn afwezigheid door de vice-voorzitter van de raad van commissarissen.
Is ook de vice-voorzitter van de raad van commissarissen afwezig dan wordt de vergadering
voorgezeten door één van de andere commissarissen, door de ter vergadering aanwezige
commissarissen daartoe aan te wijzen. Bij afwezigheid van alle leden van de raad van commissarissen wordt de vergadering voorgezeten door een lid van de raad van bestuur, door de ter vergadering aanwezige leden van de raad van bestuur aan te wijzen. Indien de vennootschap slechts één lid van de raad van bestuur kent, zit deze de vergadering voor. Bij afwezigheid ook van alle leden van de raad van bestuur of het enige lid van de raad van bestuur voorziet de vergadering zelf in haar leiding. De voorzitter wijst de secretaris aan. |
| 28.2 | Van het verhandelde in elke vergadering worden notulen gehouden, tenzij een notarieel proces-verbaal wordt opgemaakt. De notulen worden vastgesteld en ten blijke daarvan getekend door de voorzitter en de secretaris van de desbetreffende vergadering, dan wel vastgesteld door een volgende vergadering; in het laatste geval worden zij ten blijke van vaststelling door de voorzitter en de secretaris van die volgende vergadering ondertekend. |
| 28.3 | Het verslag van de algemene vergadering van aandeelhouders wordt uiterlijk drie maanden na afloop
van de vergadering aan aandeelhouders op verzoek ter beschikking gesteld, waarna aandeelhouders
gedurende de daaropvolgende drie maanden de gelegenheid hebben om op het verslag te reageren.
Het verslag wordt vervolgens vastgesteld op de wijze zoals in het vorige lid omschreven. Indien een
notarieel proces-verbaal van het verhandelde in de vergadering wordt opgemaakt, vindt het hiervoor in
dit lid bepaalde geen toepassing. Een dergelijk notarieel proces-verbaal dient binnen drie maanden na afloop van de vergadering te worden opgemaakt en aan aandeelhouders op verzoek ter beschikking te worden gesteld. |
| 28.4 | Een certificaat, door de voorzitter en de secretaris van de algemene vergadering van aandeelhouders getekend, inhoudende de bevestiging dat de algemene vergadering van aandeelhouders een bepaald besluit heeft genomen, geldt als bewijs van een dergelijk besluit tegenover derden. |
| 28.5 | Ieder lid van de raad van bestuur, iedere commissaris en de voorzitter van de vergadering, is te allen
tijde bevoegd opdracht te geven tot het opmaken van een notarieel proces-verbaal op kosten van de
vennootschap. In het proces-verbaal casu quo in de notulen wordt op basis van de in artikel 27, lid 6 bedoelde presentielijst het aantal ter vergadering vertegenwoordigde aandelen en het aantal uit te brengen stemmen vermeld; de presentielijst maakt geen deel uit van het proces-verbaal casu quo de notulen en zal niet ter beschikking van een aandeelhouder of certificaathouder worden gesteld, tenzij de aandeelhouder of certificaathouder aantoont dat hij daarbij een redelijk belang heeft ter toetsing van een juist verloop van de desbetreffende vergadering. Het proces-verbaal casu quo de notulen liggen na het verlijden van de notariële akte casu quo na de vaststelling door de voorzitter en de secretaris van de desbetreffende vergadering in afschrift voor de aandeelhouders en de certificaathouders ten kantore van de vennootschap ter inzage. |
| 28.6 | Alle kwesties omtrent de toelating tot de algemene vergadering van aandeelhouders, omtrent de uitoefening van het stemrecht en de uitslag van de stemmingen, zomede alle andere kwesties, welke verband houden met de gang van zaken in de vergadering, worden onverminderd het bepaalde in artikel 13, leden 3 en 4, Boek 2, Burgerlijk Wetboek, beslist door de voorzitter van de desbetreffende vergadering. |
| 28.7 | De voorzitter van de desbetreffende vergadering is bevoegd ook andere personen dan aandeelhouders, certificaathouders en hun vertegenwoordigers tot de algemene vergadering van aandeelhouders toe te laten. |
Artikel 29.
| 29.1 | In de algemene vergadering van aandeelhouders geeft ieder aandeel recht op het uitbrengen van één stem. |
| 29.2 | Blanco stemmen en ongeldige stemmen worden geacht niet te zijn uitgebracht. |
| 29.3 | Aandeelhouders kunnen zich ter vergadering door een schriftelijk of elektronisch gevolmachtigde doen vertegenwoordigen. |
| 29.4 | Besluiten worden genomen met volstrekte meerderheid van stemmen, tenzij uitdrukkelijk een grotere meerderheid wordt voorgeschreven. |
| 29.5 | De voorzitter bepaalt de wijze van stemming, waaronder ook begrepen de mogelijkheid van stemming bij acclamatie. |
| 29.6 | Mocht ten aanzien van de benoeming van personen bij eerste stemming geen volstrekte meerderheid
worden verkregen, dan zal een nieuwe vrije stemming plaats hebben. Indien ook dan geen volstrekte
meerderheid verkregen wordt, zal een herstemming plaats hebben tussen de twee personen, die de
meeste stemmen op zich verenigden. Komen door gelijkheid van het aantal verworven stemmen meer
dan twee personen voor de herstemming in aanmerking, dan zal bij een tussenstemming worden
beslist, welke twee personen in de herstemming zullen komen, respectievelijk wie met de persoon, op
wie het hoogste aantal stemmen is uitgebracht, in de herstemming zal worden opgenomen. Staken bij een tussenstemming, als in de vorige zin bedoeld of bij een eindstemming de stemmen, dan beslist het lot. |
| 29.7 | Zo een voorstel zaken – daaronder begrepen aanbeveling of ontslag van personen – betreft, geldt het bij staking van stemmen als verworpen. |
| 29.8 | Iedere certificaathouder is bevoegd, hetzij in persoon, hetzij bij schriftelijk of elektronisch gevolmachtigde, de algemene vergadering van aandeelhouders bij te wonen en daarin het woord te voeren, doch niet om stem uit te brengen, met dien verstande, dat dit laatste niet geldt voor in artikel 14 met certificaathouders gelijkgestelde vruchtgebruikers en pandhouders van aandelen, aan wie in overeenstemming met de desbetreffende wettelijke bepalingen het stemrecht op die aandelen toekomt. |
Vergaderingen van houders van gewone aandelen en vergaderingen van houders
van preferente aandelen.
Artikel 30.
| 30.1 | Een vergadering van houders van gewone respectievelijk van cumulatief preferente aandelen B
respectievelijk van een bepaalde serie of subserie financieringspreferente aandelen zal worden
bijeengeroepen, zo dikwijls de raad van bestuur en/of de raad van commissarissen zulks besluit(en), zo
dikwijls een besluit van die vergadering krachtens de statuten vereist is en zo dikwijls een of meer
houders van ten minste tien procent (10%) van het in de vorm van gewone respectievelijk cumulatief
preferente aandelen B respectievelijk van een bepaalde serie of subserie financieringspreferente
aandelen geplaatste kapitaal het schriftelijk, onder opgave van de te behandelen onderwerpen, aan de
raad van bestuur en aan de raad van commissarissen verzoeken. Indien na ontvangst van een verzoek, als in de vorige zin bedoeld, noch de raad van bestuur noch de raad van commissarissen een vergadering bijeenroept, zodanig, dat zij binnen vier weken na die ontvangst wordt gehouden is/zijn de verzoeker(s) zelf tot de bijeenroeping bevoegd, met inachtneming van het daaromtrent in deze statuten bepaalde. |
| 30.2 | De oproepingen geschieden, voor wat betreft de vergadering van houders van cumulatief preferente
aandelen B respectievelijk van een bepaalde serie of subserie financierings-preferente aandelen,
schriftelijk aan de in artikel 11 bedoelde adressen en voor wat betreft de vergadering van houders van
gewone aandelen met overeenkomstige toepassing van artikel 26, lid 2, alles met inachtneming van
een oproepingstermijn van ten minste veertien dagen, de dag van de oproeping en die van de
vergadering niet meegerekend. De oproeping vermeldt de te behandelen onderwerpen. De vergadering voorziet zelf in haar leiding en in haar secretariaat. |
| 30.3 | Artikel 26, lid 1, artikel 27, artikel 28, leden 2, 5, 6 en 7 en artikel 29 zijn van overeenkomstige toepassing op de in lid 1 bedoelde vergaderingen. |
| 30.4 | In een vergadering, waarin het gehele in de vorm van cumulatief preferente aandelen B respectievelijk het gehele in de vorm van financieringspreferente aandelen van een bepaalde serie of subserie geplaatste kapitaal is vertegenwoordigd, kunnen, mits met algemene stemmen, geldige besluiten worden genomen, ook indien de voorschriften omtrent de plaats van de vergadering, de wijze van oproeping, de termijn van oproeping en het bij de oproeping vermelden van de te behandelen onderwerpen niet in acht zijn genomen. |
| 30.5 | Houders van cumulatief preferente aandelen B respectievelijk van financieringspreferente aandelen van
een bepaalde serie of subserie kunnen alle besluiten, welke zij in een vergadering kunnen nemen, ook
buiten vergadering nemen. Buiten vergadering kan een besluit slechts worden genomen, indien het verzoek daartoe van een lid van de raad van bestuur of een commissaris uitgaat, alle houders van cumulatief preferente aandelen B respectievelijk van financieringspreferente aandelen van een bepaalde serie of subserie zich schriftelijk omtrent het voorstel hebben uitgesproken en ten minste zovele houders van cumulatief preferente aandelen B respectievelijk van financierings-preferente aandelen van een bepaalde serie of subserie zich daarbij voor het voorstel hebben verklaard als nodig zou zijn om het voorstel te doen aannemen in een vergadering van houders van cumulatief preferente aandelen B respectievelijk van financieringspreferente aandelen van een bepaalde serie of subserie, waarin voor het gehele in de vorm van cumulatief preferente aandelen B respectievelijk van financieringspreferente aandelen van een bepaalde serie of subserie geplaatste kapitaal geldig stem is uitgebracht en geen van de houders van cumulatief preferente aandelen B respectievelijk van financieringspreferente aandelen van een bepaalde serie of subserie zich tegen deze wijze van besluitvorming heeft verzet. Van het besluit wordt door de voorzitter van de raad van commissarissen in het notulenregister van de vergadering van houders van cumulatief preferente aandelen B respectievelijk van financieringspreferente aandelen van een bepaalde serie of subserie melding gemaakt, welke vermelding door hem wordt getekend en in de eerstvolgende vergadering van houders van cumulatief preferente aandelen B respectievelijk van financieringspreferente aandelen van een bepaalde serie of subserie wordt voorgelezen; bovendien worden de bescheiden, waaruit het besluit blijkt, in het notulenregister bewaard. |
| 30.6 | De raad van bestuur kan, onder goedkeuring van de raad van commissarissen, besluiten dat schriftelijk besluiten als bedoeld in lid 5 van dit artikel door middel van een elektronisch communicatiemiddel kunnen worden uitgebracht. De raad van bestuur kan, onder goedkeuring van de raad van commissarissen, voorwaarden verbinden aan het gebruik van het elektronisch communicatiemiddel waarmee stemmen kunnen worden uitgebracht, welke voorwaarden op de website van de vennootschap worden geplaatst. |
Boekjaar. Jaarrekening.
Artikel 31.
| 31.1 | Het boekjaar is het kalenderjaar. |
| 31.2 | Jaarlijks binnen vijf maanden na afloop van elk boekjaar – behoudens verlenging van deze termijn met
ten hoogste zes maanden door de algemene vergadering van aandeelhouders op grond van bijzondere
omstandigheden – wordt door de raad van bestuur een jaarrekening opgemaakt en legt de raad van
bestuur deze voor de aandeelhouders en certificaathouders ter inzage ten kantore van de
vennootschap. De raad van bestuur zendt de jaarrekening ook toe aan de ondernemingsraad.
Binnen deze termijn legt de raad van bestuur ook het jaarverslag over. De jaarrekening gaat vergezeld van de verklaring van de accountant, bedoeld in artikel 393, Boek 2, Burgerlijk Wetboek, van het jaarverslag en van de in artikel 392, lid 1, Boek 2, Burgerlijk Wetboek bedoelde overige gegevens, echter, voor wat de overige gegevens betreft, voorzover het daar bepaalde op de vennootschap van toepassing is. De jaarrekening wordt ondertekend door alle leden van de raad van bestuur en alle commissarissen; ontbreekt de ondertekening van één of meer van hen, dan wordt daarvan onder opgaaf van de reden melding gemaakt. |
| 31.3 | De raad van bestuur zorgt dat de opgemaakte jaarrekening, het jaarverslag en de in lid 2 bedoelde
overige gegevens vanaf de dag van de oproeping tot de algemene vergadering van aandeelhouders,
bestemd tot hun behandeling, aanwezig zijn ten kantore van de vennootschap. De aandeelhouders en certificaathouders kunnen die stukken aldaar inzien en daarvan kosteloos een afschrift verkrijgen. Derden kunnen op vorenbedoelde plaatsen een afschrift tegen kostprijs verkrijgen. |
| 31.4 | De algemene vergadering van aandeelhouders stelt de jaarrekening vast. |
| 31.5 | De jaarrekening kan niet worden vastgesteld, indien de algemene vergadering van aandeelhouders geen kennis heeft kunnen nemen van de verklaring van de accountant, die aan de jaarrekening moet zijn toegevoegd tenzij onder de overige gegevens een wettige grond wordt meegedeeld waarom de verklaring ontbreekt. |
Artikel 32.
| 32.1 | De vennootschap kan aan de aandeelhouders slechts uitkeringen doen voor zover haar eigen vermogen groter is dan het bedrag van het gestorte en opgevraagde deel van het kapitaal vermeerderd met de reserves die krachtens de wet of de statuten moeten worden aangehouden. |
| 32.2 | Uitkering van winst geschiedt na de vaststelling van de jaarrekening waaruit blijkt dat zij geoorloofd is. |
| 32.3 | Uit de winst die in enig boekjaar is behaald, wordt allereerst, zo mogelijk, op de cumulatief preferente
aandelen B uitgekeerd het hierna te noemen percentage van het verplicht op die aandelen, per de
aanvang van het boekjaar waarover de uitkering geschiedt, gestorte bedrag. Het hiervoor bedoelde percentage is gelijk aan het gemiddelde van de EURIBOR percentages voor kasgeldleningen met een looptijd van twaalf maanden – gewogen naar het aantal dagen waarvoor deze percentages golden – gedurende het boekjaar waarover de uitkering geschiedt, verhoogd met één procentpunt; onder EURIBOR wordt verstaan de Euro Interbank Offered Rate. Indien in het boekjaar waarover de hiervoor bedoelde uitkering plaatsvindt, het verplicht op de cumulatief preferente aandelen B gestorte bedrag is verlaagd of, ingevolge een besluit tot verdere storting, is verhoogd, zal de uitkering worden verlaagd respectievelijk, zo mogelijk, worden verhoogd met een bedrag gelijk aan het hiervoor bedoelde percentage van het bedrag van de verlaging respectievelijk verhoging, berekend vanaf het tijdstip van de verlaging respectievelijk vanaf het tijdstip waarop de verdere storting verplicht is geworden. Indien in de loop van enig boekjaar uitgifte van cumulatief preferente aandelen B heeft plaatsgevonden, zal voor dat boekjaar het dividend op de cumulatief preferente aandelen B naar rato tot de dag van uitgifte worden verminderd, waarbij een gedeelte van een maand voor een volle maand zal worden gerekend. Indien en voor zover de winst niet voldoende is om de hiervoor in dit lid bedoelde uitkering volledig te doen, zal het tekort worden uitgekeerd ten laste van de vrij uitkeerbare reserves, met uitzondering van de vrij uitkeerbare reserves die zijn gevormd bij de uitgifte van financieringspreferente aandelen. |
| 32.4 | In geval van intrekking met terugbetaling van cumulatief preferente aandelen B wordt op de dag van terugbetaling een uitkering gedaan op de ingetrokken cumulatief preferente aandelen B, welke uitkering berekend wordt zoveel mogelijk in overeenstemming met het bepaalde in lid 3 en lid 5 van dit artikel en wel naar tijdsgelang te berekenen over de periode vanaf de dag waarover voor het laatst een uitkering als bedoeld in lid 3 en lid 5 werd gedaan – dan wel indien de cumulatief preferente aandelen B na een zodanige dag zijn geplaatst: vanaf de dag van plaatsing – tot aan de dag van terugbetaling, met dien verstande dat alle (interim)dividenden die over dat tijdvak op de cumulatief preferente aandelen B zijn betaald in mindering komen op een dergelijke uitkering, een en ander onverminderd het bepaalde in artikel 8 lid 5. |
| 32.5 | Indien in enig boekjaar de in lid 3 bedoelde winst niet toereikend is om de hiervoor in dit artikel bedoelde uitkeringen te doen, en voorts geen uitkering of slechts ten dele een uitkering uit de reserves, als bedoeld in lid 3, geschiedt, zodanig dat het tekort niet of niet volledig is uitgekeerd, vindt in de daarop volgende boekjaren het hiervoor in dit artikel bepaalde en het bepaalde in de leden 6, 9 en 10 eerst toepassing nadat het tekort is ingehaald. |
| 32.6 |
|
| 32.7 | Indien in enig boekjaar de winst niet toereikend is om de hiervoor in lid 6 van dit artikel bedoelde uitkeringen te doen, vindt in de daarop volgende boekjaren het in de leden 6, 9 en 10 bepaalde eerst toepassing nadat het tekort is ingehaald en nadat het hiervoor bepaalde in de leden 3 en 5 toepassing heeft gevonden. De raad van bestuur is bevoegd onder goedkeuring van de raad van commissarissen te besluiten een bedrag gelijk aan het in de vorige zin bedoelde tekort uit te keren ten laste van de vrij uitkeerbare reserves, met uitzondering van de vrij uitkeerbare reserves die zijn gevormd bij de uitgifte van financieringspreferente aandelen. Bij de toepassing van het bepaalde in dit lid, is de in lid 6 van dit artikel bedoelde rangorde van toepassing. |
| 32.8 | Indien uitgifte van financieringspreferente aandelen plaatsvindt gedurende de loop van een boekjaar, zal over dat boekjaar het dividend op de desbetreffende financieringspreferente aandelen naar rato tot de dag van uitgifte worden verminderd. |
| 32.9 | De raad van commissarissen op voorstel van de raad van bestuur bepaalt welk gedeelte van de na toepassing van het bepaalde in de vorige leden resterende winst wordt gereserveerd. |
| 32.10 | Het gedeelte van de winst dat resteert na toepassing van het bepaalde in de vorige leden staat ter beschikking van de algemene vergadering van aandeelhouders, onverminderd het bepaalde in de leden 5 en 7 van dit artikel, met dien verstande dat op de preferente aandelen geen verdere dividenduitkering zal geschieden. |
| 32.11 | De raad van bestuur is onder goedkeuring van de raad van commissarissen bevoegd om te bepalen dat een uitkering op gewone aandelen niet in geld maar in de vorm van gewone aandelen of financieringspreferente aandelen van een bepaalde (sub)serie zal worden gedaan of te bepalen dat houders van gewone aandelen de keuze wordt gelaten om een uitkering hetzij in geld, hetzij in de vorm van gewone aandelen of financieringspreferente aandelen van een bepaalde (sub)serie te nemen of een combinatie daarvan, een en ander voor zover de raad van bestuur overeenkomstig het bepaalde in artikel 4 is aangewezen als een orgaan dat bevoegd is te besluiten tot uitgifte van dergelijke aandelen. De raad van bestuur stelt onder goedkeuring van de raad van commissarissen de voorwaarden vast waaronder een dergelijke keuze kan worden gedaan. |
| 32.12 | Bij de berekening van de winstverdeling tellen aandelen die de vennootschap in haar kapitaal houdt niet mee, tenzij op deze aandelen een pandrecht of een vruchtgebruik rust. |
| 32.13 | De raad van bestuur is onder goedkeuring van de raad van commissarissen bevoegd om interimdividenden
uit te keren op één of meer soorten aandelen. Een uitkering van interim-dividend is slechts mogelijk indien aan het vereiste in lid 1 van dit artikel is voldaan blijkens een tussentijdse vermogensopstelling, die is opgemaakt in overeenstemming met de wettelijke voorschriften. |
| 32.14 | De raad van bestuur kan onder goedkeuring van de raad van commissarissen en met inachtneming van het bepaalde in lid 2 van dit artikel besluiten tot uitkering aan houders van gewone aandelen ten laste van één of meer reserves, hetzij in geld, hetzij in financieringspreferente aandelen van een bepaalde (sub)serie, hetzij in gewone aandelen, hetzij in een combinatie daarvan naar verhouding van ieders bezit aan gewone aandelen, een en ander mits is voldaan aan het vereiste in lid 1 van dit artikel blijkens een (tussentijdse) vermogensopstelling die is opgemaakt in overeenstemming met de wettelijke voorschriften. Ten laste van de statutaire reserve die verbonden is met de converteerbare cumulatief preferente aandelen F, serie FP4, subserie 1, kunnen geen uitkeringen worden gedaan, onverminderd hetgeen bepaald is in artikel 8 lid 4 en artikel 35 lid 2. |
| 32.15 | In geval van intrekking met terugbetaling van een (sub)serie financieringspreferente aandelen wordt op de dag van terugbetaling een uitkering gedaan op de ingetrokken financieringspreferente aandelen van de desbetreffende (sub)serie, welke uitkering berekend wordt zoveel mogelijk in overeenstemming met het bepaalde in lid 6 en lid 7 en wel naar tijdsgelang te berekenen over de periode vanaf de dag waarover voor het laatst een uitkering als bedoeld in lid 6 en lid 7 werd gedaan – dan wel indien de financieringspreferente aandelen na een zodanige dag zijn geplaatst: vanaf de dag van plaatsing – tot aan de dag van terugbetaling, met dien verstande dat alle (interim)dividenden die over dat tijdvak op de financieringspreferente aandelen zijn betaald in mindering komen op een dergelijke uitkering, een en ander onverminderd het bepaalde in artikel 8 lid 4. |
| 32.16 | Een tekort als bedoeld in artikel 104, Boek 2, Burgerlijk Wetboek, kan slechts ten laste van het bij de uitgifte van financieringspreferente aandelen van een bepaalde (sub)serie gevormde agioreserve worden gedelgd, indien alle overige reserves zijn uitgeput. Bij de toepassing van het bepaalde in dit lid geldt als rangorde dat het tekort eerst ten laste wordt gedelgd van het bij de uitgifte van de financieringspreferente aandelen van een bepaalde (sub)serie met de laagste rangorde als bedoeld in lid 6 van dit artikel gevormde agio en vervolgens ten laste van, het bij de uitgifte van de financieringspreferente aandelen van een bepaalde (sub)serie met de daarna laagste rangorde als bedoeld in lid 6 van dit artikel gevormde agio, en zo verder tot het tekort is gedelgd. Een tekort als bedoeld in artikel 104, Boek 2, Burgerlijk Wetboek, kan nimmer ten laste van de statutaire reserve die verbonden is met de converteerbare cumulatief preferente aandelen F, serie FP4, subserie 1, worden gedelgd. |
| 32.17 | Uitkeringen zijn opeisbaar en betaalbaar met ingang van een door de raad van bestuur vastgestelde dag, welke verschillend kan zijn voor uitkeringen op gewone aandelen, voor uitkeringen op cumulatief preferente aandelen B, voor uitkeringen op financieringspreferente aandelen en voor uitkeringen op verschillende (sub)series van financieringspreferente aandelen. |
| 32.18 | De vordering van de aandeelhouder tot uitkering vervalt door tijdsverloop van vijf jaren na de aanvang van de dag, volgend op die waarop de vordering opeisbaar is geworden. |
Besluiten tot statutenwijziging of ontbinding.
Artikel 33.
Besluiten tot wijziging van de statuten of tot ontbinding van de vennootschap kunnen door de
algemene vergadering van aandeelhouders slechts worden genomen op voorstel van de raad van
bestuur onder goedkeuring van de raad van commissarissen.
Vereffening.
Artikel 34.
| 34.1 | Ingeval van ontbinding van de vennootschap geschiedt de vereffening met inachtneming van de wettelijke bepalingen. Tijdens de vereffening blijven de statuten voorzover mogelijk van kracht. |
| 34.2 | Hetgeen resteert van het vermogen van de vennootschap na betaling van alle schulden en de kosten
van de vereffening wordt als volgt verdeeld:
|
| 34.3 | Na de vereffening blijven gedurende de daarvoor in de wet gestelde termijn de boeken en bescheiden van de vennootschap berusten onder degene, die daartoe door de algemene vergadering van aandeelhouders is aangewezen. |
Conversie financieringspreferente aandelen.
Artikel 35.
| 35.1 | Financieringspreferente aandelen kunnen op verzoek van de houder van die aandelen worden geconverteerd in gewone aandelen onder zodanige voorwaarden als het tot uitgifte van aandelen bevoegde orgaan onder goedkeuring van de raad van commissarissen bij de eerste uitgifte van de betrokken (sub)serie financieringspreferente aandelen zal bepalen, tenzij bij de eerste uitgifte van de betrokken (sub)serie financieringspreferente aandelen is bepaald dat de desbetreffende (sub)serie financieringspreferente aandelen niet kan worden geconverteerd. Deze voorwaarden maken deel uit van het besluit tot uitgifte. |
| 35.2 | De statutaire reserve die verbonden is met de converteerbare cumulatief preferente aandelen F, serie FP4, subserie 1, kan alleen worden aangewend ter gelegenheid van een conversie van converteerbare cumulatief preferente aandelen F, serie FP4, subserie 1. |
| 35.3 | Indien het aantal bij derden geplaatste financieringspreferente aandelen minder bedraagt dan vijf procent van het aantal bij derden geplaatste gewone aandelen, is de raad van bestuur bevoegd onder goedkeuring van de raad van commissarissen deze financieringspreferente aandelen te converteren in gewone aandelen, mits hij daarvan aan de houders van financieringspreferente aandelen kennis geeft op de wijze als omschreven in artikel 26, lid 2 juncto lid 3, eerste zin, waarbij de conversie van kracht wordt op de datum van de plaatsing van de desbetreffende advertenties respectievelijk aankondigingen op de website van de vennootschap. |
Overgangsartikelen.
Artikel 36.
| 36.1 | Vanaf de datum dat de raad van bestuur aan het handelsregister opgave heeft gedaan dat in totaal ten
minste tweehonderd miljoen (200.000.000) aandelen met een nominale waarde van tien eurocent
(EUR 0,10) elk zijn geplaatst luidt artikel 3, lid 1, als volgt: "Het maatschappelijk kapitaal van de vennootschap bedraagt éénhonderd miljoen euro (EUR100.000.000,–), verdeeld in:
|
| 36.2 | Om voor een gewoon aandeel aan toonder gebruik te kunnen maken van alle aan dit aandeel verbonden rechten, dient bijschrijving op het aandeelbewijs als bedoeld in artikel 10, lid 3 te hebben plaatsgevonden. |
Artikel 37.
Ter gelegenheid van de statutenwijziging de dato zesentwintig mei tweeduizenddrie wordt de
volledige (vrij uitkeerbare) agioreserve die gevormd is bij de uitgifte van de converteerbare cumulatief
preferente aandelen F, serie FP4, subserie 1, welke blijkens een tussentijdse vermogensopstelling als
bedoeld in artikel 105, Boek 2, Burgerlijk Wetboek en gedateerd eenendertig maart tweeduizenddrie,
éénhonderdeenenzestig miljoen eenenzeventigduizend vierhonderdeenendertig euro vijftig eurocent
(EUR 161.071.431,50) bedraagt, omgezet in een statutaire reserve, die alleen kan worden aangewend
ter gelegenheid van een conversie van converteerbare cumulatief preferente aandelen F, serie FP4,
subserie 1.