- Home
- Over BAM
- Corporate governance
- Investor relations
- Duurzaam
- Contact
- Werken bij BAM
- Pers
Beschermingsmaatregelen
De vennootschap kent de navolgende maatregelen ter bescherming van de vennootschap tegen
ongewenste ontwikkelingen die de zelfstandigheid, continuïteit en/of identiteit van de Groep zouden
kunnen aantasten.
Ingevolge een besluit van de algemene vergadering van aandeelhouders gehouden op 12 juni 1972
is in de statuten van de vennootschap de mogelijkheid opgenomen tot het uitgeven van preferente
aandelen. In samenhang hiermede is in 1978 opgericht Stichting Aandelenbeheer BAM Groep, hierna
'de Stichting'.
De Stichting heeft ten doel het behartigen van de belangen van de vennootschap en van de
ondernemingen die door de vennootschappen in stand worden gehouden en wel op zodanige wijze
dat de belangen van de vennootschap en van die ondernemingen en van alle daarbij betrokkenen zo
goed mogelijk worden gewaarborgd en dat invloeden, welke de zelfstandigheid en/of continuïteit en/of
identiteit van de vennootschap en die ondernemingen in strijd met die belangen zouden kunnen
aantasten, naar maximaal vermogen worden geweerd. De Stichting tracht haar doel te bereiken
onder meer door het verwerven, al dan niet door uitoefening van de hiervoor vermelde optie, en het
houden van cumulatief preferente aandelen B in het kapitaal van de vennootschap, door het
uitoefenen van de aan die aandelen verbonden rechten en/of door het gebruik maken van het aan
haar verleende recht van enquête.
Zoals tijdens de algemene vergadering van aandeelhouders gehouden op 4 juni 1992 werd
aangekondigd en tijdens de algemene vergadering van aandeelhouders gehouden op 8 juni 1993 aan
de orde is geweest, heeft de vennootschap op 17 mei 1993 aan de Stichting een optie tot verkrijging
van cumulatief preferente aandelen B in het kapitaal van de vennootschap verleend. Deze optie is
verleend tot een zodanig bedrag als de Stichting zal verlangen, met dien verstande dat dit ten
hoogste zal kunnen zijn een zodanig nominaal bedrag dat daardoor het totaal nominale bedrag van
niet bij de vennootschap geplaatste cumulatief preferente aandelen B maximaal gelijk is aan
negenennegentig negen/tiende procent (99,9%) van het nominale bedrag van het op moment van de
uitoefening van het hiervoor bedoelde recht niet bij de vennootschap in de vorm van andere aandelen
dan cumulatief preferente aandelen B geplaatste aandelenkapitaal. Omtrent de uitoefening van dit
recht tot het nemen van cumulatief preferente aandelen B beslist uitsluitend het bestuur van de
Stichting.
Op 6 oktober 2008 heeft de vennootschap aan de Stichting het recht verleend om in gevolge artikel
2:346 sub c BW een verzoekschrift in te dienen als bedoeld in artikel 2:345 BW (recht van enquête).
Het bestuur van de Stichting bestaat uit drie leden, te weten één bestuurder A en twee bestuurders B.
De bestuurder A wordt, onder goedkeuring van de raad van commissarissen, benoemd door de raad
van bestuur van de vennootschap. De bestuurder A mag geen lid van de raad van bestuur of
commissaris zijn van de vennootschap of van een dochtermaatschappij daarvan.
De bestuurders B worden benoemd door het bestuur van de Stichting zelf, onder goedkeuring van de
raad van bestuur, voor het verlenen waarvan de raad van bestuur op haar beurt goedkeuring behoeft
van de raad van commissarissen van de vennootschap. Een bestuurder B mag geen met de
vennootschap verbonden persoon zijn als bedoeld in de inmiddels vervallen, bijlage X bij het
Algemeen Reglement Euronext Amsterdam Stockmarket, Rulebook II.
Er zijn thans geen cumulatief preferente aandelen B geplaatst. De raad van commissarissen en de raad van bestuur behouden zich het recht voor om in het belang
van de vennootschap en de met haar verbonden onderneming tot andere maatregelen dan de uitgifte
van preferente aandelen B te besluiten ter bescherming van de vennootschap tegen invloeden die
door de raad van commissarissen en de raad van bestuur, na afweging van de belangen van de
vennootschap en van alle bij de Groep betrokkenen, kunnen worden gekwalificeerd als schadelijk
voor de zelfstandigheid, continuïteit en/of identiteit van de Groep.
PJ/AP/07032011



